Juli 2005
Nederlandse bollentelers hebben meer uitbreidingsplannen
14,1% van de Nederlandse bloembollentelers is van plan om te gaan uitbreiden. In 2004 was dat nog 12,9%. Deze gegevens komen uit een telemarketingactie die AgriDirect, specialist in Agrimarketing, in juni heeft afgerond. De actie is gehouden onder ruim 1.000 bloembollentelers in Nederland.
Vooral de grotere bedrijven willen het bedrijf uitbreiden, maar liefst 18,8% van de bedrijven met meer dan 15 hectare hebben uitbreidingsplannen. De kleinere bedrijven hebben juist minder uitbreidingsplannen dan gemiddeld: van de bedrijven met minder dan 3 hectare wil slechts 8,2% uitbreiden.
Ook in de provincies zijn verschillen te constateren. In Noord-Holland, waar de meeste bollentelers zijn gevestigd, wil slechts 12,4% het bedrijf uitbreiden. In Zuid-Holland is dat 14,1%. In het zuiden is er veel uitbreiding te verwachten, 27,5% van de Limburgse bollentelers heeft uitbreidingsplannen.
2,2% van de ondervraagde bollentelers wil het bedrijf beëindigen en verkopen. 1,4% wil het bedrijf zelf beëindigen en door een opvolger laten overnemen. 1,1% wil alleen beëindigen en 3,0% wil langzaam afbouwen. In 2004 wilde nog 2,4% beëindigen en verkopen, 4,0% zelf beëindigen en door opvolger laten overnemen, 2,7% wilde alleen beëindigen.
Bij bloembollenbedrijven met een eigenaar van 50 jaar of ouder werd tevens gevraagd of er bedrijfsopvolging op het bedrijf aanwezig is. Bij 17,7% van deze bollentelers is er een bedrijfsopvolger aanwezig, 39% heeft nog geen bedrijfsopvolger, bij 21,6% is dat nog niet bekend en bij 21,6% is de opvolger reeds in de maatschap opgenomen. Vooral bij de grotere bedrijven is bedrijfsopvolging op het bedrijf aanwezig: bij bedrijven met meer dan 15 hectare heeft maar liefst 30,9% een bedrijfsopvolger op het bedrijf aanwezig. Bij bedrijven tussen 10-15 hectare is dat 22,5% en bij 5-10 hectare is dat 10,8%. Ook de bloembollenbedrijven waar de opvolger reeds in de maatschap is opgenomen, zijn voornamelijk de grotere bedrijven. Bij 28,9% van de bedrijven met meer dan 15 hectare is de opvolger reeds in maatschap opgenomen. Bij bedrijven tussen 10-15 hectare is dat 22,5% en bij 5-10 hectare is dat 20%.
Geplaatst op Vrijdag, 22 juli 2005 Printbare versie | Top
John Deere verkoopt meer trekkers dan marktleider Case
Maar liefst 20,5% van de melkveehouders die het afgelopen jaar een trekker hebben aangeschaft, hebben een John Deere gekocht. Dit percentage is opvallend hoog vergeleken met de 13,9% die een trekker van marktleider Case heeft gekocht. Het gaat hier om melkveehouders die in 2004 hebben aangegeven op korte termijn te willen investeren in een trekker. Deze gegevens komen uit een telemarketingactie die AgriDirect, specialist in Agrimarketing, begin mei heeft afgerond. De actie is gehouden onder meer dan 10.000 Nederlandse melkveehouders met meer dan 50 koeien.
In 2004 hadden zo’n 300 melkveehouders plannen om op korte termijn te investeren in een trekker. 54,4% van deze groep melkveehouders heeft deze investering inmiddels ook gedaan. Maar liefst 20,5% van deze groep heeft dus een trekker van John Deere gekocht.16,9% kocht een trekker van Fendt, 15,1% een trekker van New Holland en 13,9% een trekker van Case. Voor Case is dit een opmerkelijk laag percentage, aangezien Case het hoogste marktaandeel heeft binnen de melkveehouderij.
18,1% van de ondervraagde melkveehouders werkt met een Case. In 2004 werd Case met 18,2% ook het meest genoemd. Fendt volgt op de voet met een aandeel van 17,6%. New Holland volgt daarna met 15,6% en John Deere heeft een aandeel van 14,4%. In 2004 had Fendt een aandeel van 15,7%, New Holland 15,3% en John Deere 12,1%.
Voornamelijk de kleinere bedrijven (50-70 koeien) maken gebruik van een Case. 19,1% hebben een trekker van dit merk. De grote bedrijven (100 koeien of meer) gebruiken juist voornamelijk een Fendt (19,7%) of een John Deere (17,3%). De meeste bedrijven (42,3%) hebben twee trekkers op het bedrijf in gebruik. 32,2% heeft drie trekkers en 10,2% heeft er zelfs vier.
In 2005 heeft 5,5% van de ondervraagde melkveehouders plannen om in een trekker te investeren. 2,3% wil een nieuwe trekker aanschaffen, 3,2% een tweedehands. De nieuwe trekkers zullen voornamelijk in de eerste helft van 2005 (19,4%), de tweede helft van 2005 (26,9%) en in 2006 (19,4%) worden gekocht.
Geplaatst op Vrijdag, 8 juli 2005 Printbare versie | Top
Meer uitbreidingsplannen bij Nederlandse glastuinders
Maar liefst 18,1% van de Nederlandse glastuinders is van plan om te gaan uitbreiden. Het uitbreidingspercentage is gestegen, in 2004 wilde 16,2% van de glastuinders uitbreiden. Deze gegevens komen uit een telemarketingactie die AgriDirect, specialist in Agrimarketing, onlangs heeft uitgevoerd. De actie is gehouden onder bijna 3.500 glastuinbouwbedrijven in Nederland.
Vooral de grotere bedrijven willen het bedrijf uitbreiden, maar liefst 26,5% van de bedrijven met meer dan 20.000 m² hebben uitbreidingsplannen. De kleinere bedrijven hebben juist minder uitbreidingsplannen dan gemiddeld: van de bedrijven met minder dan 5.000 m² wil 12,6% uitbreiden en bij bedrijven tussen 5.000-10.000 m² is dat 11,7%. Dit is beduidend minder dan het gemiddelde van 18,1%.
Niet alleen de grootte van het bedrijf is van belang bij de uitbreidingsplannen, ook de teeltgroep speelt een rol. Zo zijn het voornamelijk de glasgroentetelers die hun bedrijf willen uitbreiden, maar liefst 23,7% van deze groep geeft aan uitbreidingsplannen te hebben. Van de potplantentelers wil 17,8% het bedrijf uitbreiden en van de snijbloementelers is dat slechts 14%. Ook in de provincies zijn verschillen te constateren. In Zuid-Holland, waar de meeste glastuinders zijn gevestigd, wil slechts 15,1% het bedrijf uitbreiden. In Noord-Holland is dat slechts 13,3%. In de zuidelijke provincies is er juist meer uitbreiding te verwachten. In Noord-Brabant heeft 27% van de ondervraagde glastuinders uitbreidingsplannen en in Limburg is dat 24,1%.
2,1% van de ondervraagde glastuinders wil het bedrijf beëindigen en verkopen. 3,2% wil het bedrijf zelf beëindigen en door een opvolger laten overnemen. 1,2% wil alleen beëindigen. 0,7% wil beëindigen i.v.m. gemeentelijke plannen en 3,8% wil langzaam afbouwen. Bij de grote bedrijven (meer dan 20.000 m²) wil slechts 0,7% beëindigen en verkopen. In 2004 wilde nog 4,1% beëindigen en verkopen, 2,4% zelf beëindigen en door opvolger laten overnemen, 2,0% wilde alleen beëindigen en slechts 0,9% wilde langzaam afbouwen.
Geplaatst op Dinsdag, 5 juli 2005 Printbare versie | Top
Nieuwsarchief:
» Juni 2010
» Mei 2010
» Maart 2010
» Januari 2010
» December 2009
» November 2009
» Oktober 2009
» September 2009
» Augustus 2009
» Juli 2009
» Juni 2009
» Mei 2009
» April 2009
» Maart 2009
» Januari 2009
» December 2008
» November 2008
» Oktober 2008
» September 2008
» Augustus 2008
» Juli 2008
» Juni 2008
» Mei 2008
» April 2008
» Maart 2008
» Februari 2008
» Januari 2008
» December 2007
» November 2007
» Oktober 2007
» Augustus 2007
» Juli 2007
» Juni 2007
» Mei 2007
» April 2007
» Februari 2007
» Januari 2007
» December 2006
» November 2006
» Oktober 2006
» September 2006
» Augustus 2006
» Juli 2006
» Juni 2006
» Mei 2006
» Maart 2006
» Januari 2006
» November 2005
» Oktober 2005
» Juli 2005
» Juni 2005
» Mei 2005
» April 2005
» Februari 2005
» December 2004
» November 2004
» September 2004
» Juli 2004
» Juni 2004
» Mei 2004
» Maart 2004
» Februari 2004
» December 2003